ZZP schijnconstructies aangepakt

Bespaar veel geld op vaste kosten

Een autoverzekering die al jaren automatisch loopt en waar je geen omkijken naar hebt. Totdat je eens kijkt of de premie dieal die tijd automatisch wordt afgeschreven wel écht zo laag is als je denkt. Mij scheelde overstappen van mijn oude vertrouwde premie-inner naar een nieuwe verzekeraar meer dan de helft aan premie!

Hetzelfde gold voor de bank. Ik startte ooit een Ideal-abonnement voor een webshop. Toen ik een nieuwe website kreeg stapte ik ook over naar een betaalprovider. Deze rekenen (net als de bank) transactiekosten maar (in tegenstelling tot de bank) géén abonnementskosten. Toen ik de bank belde om het Ideal abonnement af te zeggen probeerde de bankemployee me eerst nog een abonnement te verkopen dat de helft minder kostte. ‘U heeft de dure versie maar we hebben al een paar jaar ook een versie die slechts de helft kost. In dit geval 10 euro per maand in plaats van 20 euro per maand.’ Ik vertelde de man vriendelijk dat de bank me dat eerder had mogen aangeven en  dat ik nu een beter alternatief had. En dat bespaart me 240 euro per jaar.

Toen ging keek ik ook eens naar de kostenfactuur van deze bank die ik elk kwartaal ontvang. Daaruit blijkt dat ik bijna 36 euro per maand betaalde aan bankkosten, pasje, rekeninginformatie en allerlei andere basale bankzaken. 36 euro per maand is ruim 432 euro per jaar. Daar bespaar ik nu op doordat ik ben overgestapt naar een nieuwe bank. Die nieuwe bank kost me 60 euro per jaar.

Ik vrees dat de CEO van mijn voormalige bank wéér geen 50% loonsverhoging zal krijgen als meer mensen dit doen.

BTW verhoging van 6% naar 9%; maar de echte prijzen stijgen harder.

Het product dat u in de supermarkt koopt heeft een winkelprijs van 9,95 maar met het nieuwe btw tarief van 9% wordt dat 10,23.  Of toch niet? Is een betere prijs misschien 10,95 of 10,99? Ik denk het wel. Dat is dus geen verhoging van 3% maar van bijna 11%.

Het bepalen van prijzen en tarieven berust voornamelijk op psychologie. Niemand zal een winkelprijs van 10,23 vragen, 10,99 of 10,95 is beter. Al was het maar omdat we aan dat soort bedragen gewend zijn. Begin 2019 zal de inflatie daardoor stijgen, producten worden duurder. En stijgende inflatie heeft ook weer invloed op het renteniveau. Veel zuid-europese landen hanteerden btw-verhogingen als makkelijke maatregel. Dat de Nederlandse regering dat nu ok doet zou hier wel eens mee te maken kunnen hebben.

Waarom investeren inversteerders en waarvoor?

Economie is gebaseerd op vertrouwen. Ook financiering heeft alles met vertrouwen te maken. Financiers, of het nu familie is, de bank of een investeringsmaatschappij moeten u en uw plannen vertrouwen. Zonder vertrouwen geen geld. Uw taak is om het vertrouwen te winnen. Met een goed plan of beter nog, klinkende in het verleden behaalde resultaten.

Succes in zaken heeft niet alleen met geld te maken. In het BBC programma “Dragons Den” beoordelen professionele financiers mensen die hun bedrijfsidee presenteren. Als de financiers overtuigd zijn van de kwaliteit van de ondernemer en het plan willen ze investeren. Wat veel starters zich niet realiseren is dat de netwerken en de marketingkracht van deze investeerders veel meer waard zijn   is dan het geld dat ze investeren. Financiering gaat wat dat betreft niet alleen over geldelijk kapitaal maar ook over kennis, marketingkracht en distributiekracht. Zoek dus niet alleen naar ondersteuning of financieel gebied maar kijk ook eens of uw (groei) plannen op een andere manier gesteund kunnen worden.

Onderzoek, zaaikapitaal

Bij de meeste bedrijven kost deze fase weinig geld maar veel denk,- en rekenvermogen, maar soms kost het veel geld voordat u zeker weet of een idee geschikt is om uit te voeren.   Voordat u een bedrijf start is het handig om te onderzoeken of uw plannen haalbaar zijn. Marktonderzoek of onderzoek naar de productiemogelijkheden of de mogelijke distributiekanalen van uw product of dienst horen daar ook bij. Soms is er ook veel geld nodig om patentaanvragen te financieren.

1. Starten van een bedrijf

Bij de start van een bedrijf is er altijd geld nodig. Geld voor gereedschap, grondstoffen, huur. Of domweg geld dat de ondernemer nodig heeft om van te leven. Het geld dat een starter nodig heeft hangt van verschillende factoren af. Maar het basisprincipe bij starten blijft altijd gelijk; ‘geleend geld is duur geld en eigen geld is goedkoop geld’. Als je kunt starten met eigen middelen heb je een grote voorsprong op bedrijven die afhankelijk zijn van anderen.

Bij de start van een bedrijf zijn er verborgen deze kosten zijn ondermeer;

Voorfinanciering BTW (U betaalt btw over uw inkopen, u krijgt dit geld pas na een kwartaal of een jaar terug.)

Voorfinanciering van debiteuren (Als u op rekening levert duurt het vaak 30-60 dagen voordat u het geld binnenheeft. Voor een ondernemer betekent dat er een ‘buffervoorraad geld’ van 2 maanden nodig is.)

Waarborgsommen (zoals borg voor de huur)

Oprichtingskosten (zoals notariskosten of de inschrijving bij de  Kamer van Koophandel)

Bovenstaande kosten zijn kosten waarvoor u over het algemeen geen financiering krijgt, het zijn immers kosten waar weinig of niets tegenover staat. Bij deze kosten bent u aangewezen op spaargeld of op een familielening.

Naast de oprichtingskosten heeft u gereedschap, grondstoffen en andere zaken nodig. Ook hier geldt, alles wat u zelf in kunt brengen is meegenomen. Computerapparatuur, kantoorinrichting en een vervoermiddel zijn meestal al aanwezig en te gebruiken bij de start. Ook voor grondstoffen en handelswaar heeft u geld nodig.

Ga er de start van een dienstverlenend bedrijf van uit dat u minstens voor drie maanden aan reserves moet hebben om huur gas licht water eten, kleding verzekeringen en dergelijke te betalen. Hoeveel dat precies is, is makkelijk te bepalen. Als u in loondienst werkt ga dan uit van het bedrag dat u toen maandelijks nodig verdiende of reken uit hoeveel u echt nodig heeft.

2. aankoop bedrijf

Het kopen van een bestaand bedrijf vergroot uw startkansen. Daarnaast kan aankoop van een ander bedrijf voor gevestigde ondernemers ook voordelen hebben. Je kunt een kwakkelend bedrijf overnemen dat met wat moeite weer succesvol kan worden. Of je koopt een mogelijke concurrent op (kijk naar Microsoft) of je koopt technologie, klanten, een distributienetwerk, een goede automatisering of gewoon een mooi bedrijf. Starten of groeien via de aankoop van een bestaand bedrijf kan veel voordelen hebben.

Een veel voorkomende vorm bij de aankoop van een bedrijf is de management buy-out. Hierbij neemt iemand van het personeel het bedrijf over van de directeur eigenaar. Door managers te laten participeren in het kapitaal van een onderneming neemt ook hun betrokkenheid toe. Een management buy-out draagt dan bij aan de continuïteit van een onderneming. Banken bieden hiervoor diverse financieringsvormen aan.

Een aandeel in de onderneming

Bij een management buy-out neemt het zittende management een aandeel in het aandelenkapitaal van de onderneming. Dat kan bijvoorbeeld aan de orde zijn als u zelf manager bent en u weet dat de aandeelhouder van uw onderneming het bedrijf binnenkort zal verkopen. Of als u aandeelhouder bent en u in het huidige management een prima kandidaat ziet om het stokje van u over te nemen.

Risicodragend vermogen

Meestal heeft het management te weinig geld om het volledige bedrijf over te nemen. Vaak wordt dit tekort aangevuld met risicodragend vermogen van een participatiemaatschappij en een financiering van een bank. Deze financieringen zijn vaak leveraged: ze zorgen voor een hefboomeffect (‘leverage’) op de eigen investeringen van het management.

uitbreiding bestaand bedrijf

Bedrijfsuitbreiding kent een aantal verschillende vormen. Er kan sprake zijn van uitbreiding in de vorm van gebouwen of machines, of er kan uitbreiding zijn in de vorm van nieuwe vestigingen of exportplannen. Elk van deze uitbreidingsvormen kent zijn eigen financieringsvormen.

Wat kost groei?

Personeelsuitbreiding kost geld. Ook snelle groei kost veel geld, snelle groeiers hebben veel geld nodig maar hebben juist de grootste problemen om geld te kunnen lenen. Waarom?

De eerste reden is eenvoudig, de solvabiliteit neemt af als er veel wordt geleend. En solvabiliteit is nu juist een graadmeter voor banken om te financieren. (zie hoofdstuk 3)

Ook het risico wordt groter en veel financiers willen het risico juist verkleinen. Aan wie zal de bank het geld van de spaarders eerder lenen? Aan een bedrijf met weinig afbreukrisico of aan een bedrijf waarbij het risico groot is dat er problemen ontstaan? Ook een bank kan zijn geld maar eenmaal uitlenen.

productontwikkeling

Productontwikkeling is een apart verhaal. Veel bedrijven zien ontwikkelingskosten als een vast gegeven er gaat een percentage van de winst naar ontwikkeling. Bedrijven in de medische sector, in de techniek of in de software-ontwikkeling kennen hoge ontwikkelingskosten. Soms staat er tegenover de kosten van research en development geen inkomsten. Dat veelbelovende medicijn waarin miljoenen aan kosten zijn gestoken heeft misschien vreselijke bijwerkingen en komt nooit op de markt.

risicospreiding

Het kan zijn dat u voor een bepaalde investering wel het geld hebt maar niet het volledige risico wilt nemen. Soms kan samenwerking met een andere partij uitkomst bieden. Maar niet iedereen zal willen samenwerken met een mogelijke concurrent of misschien is de dienst of het product zo uniek dat er geen andere bedrijven zijn waarmee u de investering durft te delen. In die gevallen kan een investeerder van risicokapitaal uitkomst bieden. Maar let wel hoe groter het risico, hoe hoger de prijs die u betaalt.

 aankoop bedrijfsonroerend goed

Stel u heeft opslagruimte nodig maar u wilt het niet huren. U heeft onvoldoende geld om een pand te kopen. Of u besteedt uw eigen geld liever aan andere investeringen. In die gevallen kan een bedrijfshypotheek handig zijn, de rente die u betaalt is aftrekbaar van de winst, u kunt afschrijven op uw onroerend goed en uw bezit neemt toe. Een bedrijfshypotheek voor onroerend goed is ook vrij makkelijk te krijgen, er is immers een zekerheid (het pand) voor de bank.

aankoop machines

Sommige machines zijn kostbaar. Machines heeft u bijvoorbeeld nodig om uw productiecapaciteit te verhogen. Het is lastig om te voorspellen of u de machine volgend jaar of over twee jaar nog steeds nodig heeft. ““de bank kan dat nog moeilijker voorspellen. Investeringen voor capaciteitsuitbreiding vanwege een overvolle orderportefuille zijn daardoor extra moeilijk. In volgende hoofdstukken staan verschillende oplossingen zoals leningen of leaseconstructies.

franchise fee

Francise fee is het geld dat u nodig heeft om aan een franchise formule mee te mogen doen. Sommige franchiseorganisaties vragen eigen geld van de deelnemende ondernemers, andere organisaties regelen ook de financiering voor u. Ook hier geldt meestal, hoe meer u zelf inbrengt hoe meer vrijheid van ondernemen u heeft.

De IRO (Starten vanuit Wajong, WIA, WAO, WAZ of Ziektewet)

IRO staat voor individuele reïntegratie overeenkomst. Mensen die vanuit werkloosheid of een arbeidshandicap weer toe zijn aan een nieuwe invulling van hun toekomst, kiezen daarbij soms voor de mogelijkheid een eigen bedrijf te beginnen. In veel gevallen is dat ook een heel goede optie, omdat juist het door u zelf opgezette eigen bedrijf goed kan aansluiten bij uw kwaliteiten en mogelijkheden. Kijk op de website van het UWV om te zien of u voldoet aan de rgeleing en welke adviseurs er in uw regio zijn.

Vervolgens maakt u een afspraak bij het Centrum voor Werk en Inkomen voor een re-integratieadvies. Zonder dit re-integratieadvies zal de UWV uw IRO-aanvraag niet in behandeling nemen. U kunt daarna naar een bedrijf dat u met starten kan helpen. U maakt een afspraak met een bedrijfsadviseur en kijkt of uw plan reëel is en of het bedrijf u de ondersteuning kan bieden die u nodig heeft. Het starterbedrijf helpt u verder met uw IRO-aanvraag en het schrijven van het trajectplan. In het trajectplan worden de noodzakelijke trainingen en adviesgesprekken opgenomen die u nodig heeft voor de start van uw bedrijf. Het traject moet u in maximaal 2 jaar succesvol kunnen afronden en het doel is dat u na die tijd uitkeringsonafhankelijk wordt. De UWV beoordeelt uw aanvraag en trajectplan.

Het Starterstraject
De bedrijven die u kunnen helpen combineren hun kennis van het ondernemerschap met de ervaring in het begeleiden van mensen bij de start van hun bedrijf. Dit gaat meestal in de vorm van een traject, een gerichte combinatie van individuele begeleiding, scholing en zelfwerkzaamheid waarbij stapsgewijs wordt gewerkt aan het onderzoeken en realiseren van uw bedrijfsidee. Het maken van een ondernemingsplan is daarbij een belangrijk onderdeel.

Starten vanuit bijstandsuitkering

Besluit Bijstandverlening Zelfstandigen (BBZ)
Het Besluit Bijstandsverlening Zelfstandigen 2004 (Bbz) is een regeling van de Nederlandse overheid. Bbz 2004 is een onderdeel van de Wet Werk en Bijstand (WWB).
Ondernemers die een beroep op de Bbz-regeling kunnen doen zijn:
(pre) starters

  • ondernemers in het midden- en kleinbedrijf
  • vrijeberoepsbeoefenaren
  • ondernemers in de agrarische sector

Voor u als startende ondernemer biedt de Bbz-regeling twee mogelijkheden:
Als u niet genoeg inkomsten hebt om van te leven kunt u maximaal drie jaar een aanvullende uitkering krijgen tijdens de startperiode van uw bedrijf.
Hebt u opstartkosten of geld nodig voor investeringen en kunt u geen lening krijgen bij de bank? Dan komt u misschien in aanmerking voor een startkapitaal van de gemeente
Voor de Bbz-regeling voor startende ondernemers gelden deze voorwaarden:

Zodra u start moet u aangewezen zijn op de inkomsten uit uw bedrijf.
U bent 18 jaar of ouder, maar nog niet pensioengerechtigd.
Uw bedrijf moet in Nederland gevestigd zijn.
U gaat voor 1.225 uur of meer voor uw eigen bedrijf of zelfstandig beroep werken. Dat is gemiddeld 23,5 uur per week.
U hebt alle diploma’s en vergunningen die voor uw bedrijf of zelfstandig beroep nodig zijn. Denk bijvoorbeeld aan een horecavergunning of een milieuvergunning.
U hebt voordat u start met uw bedrijf recht op een WW- of bijstandsuitkering of u wordt met ontslag bedreigd.
U hebt geen andere mogelijkheden om aan geld te komen en u hebt onvoldoende spaargeld. Inkomen en spaargeld van uw partner tellen mee.
Uw bedrijf moet levensvatbaar zijn: na de financiële ondersteuning verdient u naar verwachting voldoende om van te leven en om aan uw zakelijke en privé-verplichtingen te voldoen. U moet een goed en volledig ondernemingsplan schrijven om dit aan te tonen.

Hoe hoog de uitkering is hangt af van uw gezinssituatie, uw woonsituatie en uw inkomen. Uw inkomen wordt aangevuld tot bijstandsniveau.

Renteloze lening
U ontvangt de Bbz-uitkering als renteloze lening. Of u de uitkering moet terugbetalen hangt af van uw inkomen. Na een jaar berekent de afdeling Ondersteuning ondernemers hoe hoog uw inkomsten uit het bedrijf zijn geweest. De afdeling gebruikt daarvoor uw winst- en verliesrekening en uw aangifte inkomstenbelasting.

Als de uitkering te hoog is geweest, moet u (een deel van) de uitkering terugbetalen. Als uw uitkering te laag is geweest, wordt de renteloze lening omgezet in een gift en krijgt u een nabetaling.

Maximaal drie jaar
U ontvangt de Bbz-uitkering tot maximaal drie jaar na de start van uw bedrijf. U krijgt de uitkering eerst zes maanden. Daarna kan de uitkering nog een keer met zes maanden en twee keer met een jaar verlengd worden. Bij elke verlenging beoordeelt de afdeling Ondersteuning ondernemers opnieuw of uw bedrijf levensvatbaar is.

De Bbz-uitkering komt in de plaats van uw bijstands- of werkeloosheidsuitkering.
Met het startkapitaal kunt u noodzakelijke investeringen doen en opstartkosten dekken. Het maximum bedrag dat u kunt lenen is € 35.549,- (bedrag 2016).

Met rente terugbetalen
Het Bbz-bedrijfskapitaal is een lening met rente. Die is op het ogenblik 8% per jaar. De looptijd van de lening is afhankelijk van de afloscapaciteit van uw bedrijf. In de meeste gevallen moet u de lening in 5 jaar terugbetalen.

Voor de Bbz-regeling voor gevestigde ondernemers gelden deze voorwaarden:
U bent aangewezen op de inkomsten uit uw bedrijf.
U bent 18 jaar of ouder, maar nog niet pensioengerechtigd.
Uw bedrijf moet in Nederland gevestigd zijn.
U werkt per jaar 1.225 uur of meer voor uw eigen bedrijf of zelfstandig beroep. Dat is gemiddeld 23,5 uur per week.
U hebt alle diploma’s en vergunningen die voor uw bedrijf of zelfstandig beroep nodig zijn. Denk bijvoorbeeld aan een horecavergunning of een milieuvergunning.
U moet al minstens anderhalf jaar in uw eigen bedrijf of zelfstandig beroep werken.
Uw bedrijf moet levensvatbaar zijn: na de financiële ondersteuning verdient u naar verwachting voldoende om van te leven en om aan uw zakelijke en privé-verplichtingen te voldoen.
U hebt geen andere mogelijkheden om aan geld te komen en u hebt onvoldoende spaargeld. Inkomen en spaargeld van uw partner tellen mee.
Hoe hoog de uitkering is hangt af van uw gezinssituatie, uw woonsituatie en uw inkomen. Uw inkomen wordt aangevuld tot bijstandsniveau.

Renteloze lening
U ontvangt de Bbz-uitkering als renteloze lening. Of u de uitkering moet terugbetalen hangt af van uw inkomen. Na een jaar berekent de afdeling Ondersteuning ondernemers hoe hoog uw inkomsten uit het bedrijf zijn geweest. De afdeling gebruikt daarvoor uw winst- en verliesrekening en uw aangifte inkomstenbelasting.

Als de uitkering te hoog is geweest moet u (een deel van) de uitkering terugbetalen. Als uw uitkering te laag is geweest wordt de renteloze lening omgezet in een gift en krijgt u een nabetaling.

Maximaal een jaar
U ontvangt de Bbz-uitkering zolang dat nodig is, met een maximum van 12 maanden.

Als gevestigde ondernemer kunt u een bedrijfskapitaal van maximaal € 193.089,- (bedrag 2016) krijgen. Het Bbz-bedrijfskapitaal is bedoeld om uw bedrijf in stand te houden. U kunt er noodzakelijke investeringen mee doen in uw bedrijf. Ook kunt u met het bedrijfskapitaal betalingsachterstanden aflossen of (dreigende) schulden aflossen.

Met rente terugbetalen
Het Bbz-bedrijfskapitaal is een lening met rente. Die is op het ogenblik 8% per jaar. De looptijd van de lening is afhankelijk van de afloscapaciteit van uw bedrijf. In de meeste gevallen moet u de lening in 3 tot 5 jaar terugbetalen.

Bedrijfskapitaal gebruiken voor levensonderhoud
Hebt u een bedrijfskapitaal én een uitkering nodig? Dan krijgt u alleen een bedrijfskapitaal. Een deel van de lening is dan bedoeld voor uw levensonderhoud. U krijgt in dat geval dus geen aparte uitkering. Als uw inkomen tijdens de looptijd van de lening laag is, wordt een gedeelte van het bedrijfskapitaal soms omgezet in een gift.

Stap 1 bij aanvragen BBZ
Als u een bedrijf wilt starten en u ontvangt een bijstandsuitkering, neemt u dan eerst contact op met de Gemeentelijke Sociale Dienst. U kunt daar informatie inwinnen over de gevolgen van uw start en eventuele financieringsmogelijkheden van uw bedrijf op grond van het Besluit Bijstandverlening Zelfstandigen. Het BBZ biedt inkomensondersteuning aan ondernemers. Om voor deze faciliteiten in aanmerking te komen, moet u een ondernemingsplan maken. Uit dit plan moet blijken dat het bedrijf dat wordt gestart levensvatbaar is. Voor startende ondernemers bestaan de volgende vormen van bijstandsverlening:

Altijd noodzakelijk bij een Bbz aanvraag:
Schriftelijk ingevuld standaard intake-formulier van de gemeente dat door u is ondertekend + datum
Kopie uittreksel handelsregister KvK (gevestigde ondernemer)
Kopie van beleggingsverzekeringen, lijfrentes en levensverzekeringen
Ondernemersplan (bij starters)
Jaarrekening (laatste 3 boekjaren bij gevestigde ondernemers)
Oprichtingsakten/contracten (bij samenwerkingsverbanden)
Kopie van eventueel andere benodigde vergunning(en)
Curriculum Vitae = opleidingen en werkervaring
Wat vraagt u aan krediethoogte en periodieke uitkering
Kopieën van de laatste stand van de (betaal- en spaarrekeningen bij banken)
Belastingaangiftes laatste 3 jaar en belasting aanslagen
WOZ-waarden onroerend goed
Hypotheekcontracten
Bijlagen (eventueel nuttig) voor de eerste beoordeling van een Bbz aanvraag:
Kwartaal/halfjaarcijfers over het jaar van aanvraag
Prognose of overlevingsplan (indien aanwezig)
Overzicht privé-uitgaven
Overzicht van de bezittingen en schulden in privé
Informatie over de fiscale positie; bij voorkeur een overzicht van de ontvanger Rijksbelastingen
BKR registratie Tiel (schuldenoverzicht)
Looninformatie (indien van toepassing van cliënt en partner)
Laatste belastingaangifte

Stap 2 Contact met een adviseur
Als uw aanvraag compleet is wordt de aanvraag aan een bedrijfsadviseur gegeven. De adviseur maakt met u een afspraak voor een gesprek van circa 3 uur.
De adviseur onderzoekt of uw plan levensvatbaar is. Als er sprake is van levensvatbaarheid, dan kan u een positief beroep doen op een krediet en periodieke uitkering voor levensonderhoud. Er wordt gekeken naar het commerciële plan, financiële plan en uw ondernemerscapaciteiten. Vervolgens wordt stil gestaan bij het realiteitsgehalte van uw plan. Bent u wel in staat om te kunnen voldoen aan uw rente- en aflossingsverplichtingen en kan u na kredietverstrekking voorzien in de kosten van het levensonderhoud.

Stap 3 Haalbaarheidsrapport
De bedrijfsadviseur informeert u telefonisch over zijn bevindingen en het advies dat hij gaat uitbrengen aan de gemeente. Vervolgens ontvangt de gemeente het adviesrapport. De gemeente kan u een kopie van het rapport geven. De gemeente betaalt een vergoeding voor het maken van het rapport aan de onafhankelijke bedrijfsadviseur zoals Regelingbbz.nl dus zo’n onderzoek kost u niets.

Stap 4 Gemeente neemt een beslissing over de Bbz aanvraag
De gemeente neemt op basis van het rapport een beslissing. Als dit positief uitvalt dan kan u in aanmerking komen voor een krediet of een periodieke uitkering voor levensonderhoud.

Stap 5. Bezwaar aantekenen tegen de beslissing
U hebt het recht om bezwaar te maken als u het niet eens bent met een beslissing van de gemeente. Bezwaar maken is ook mogelijk als u vindt dat u te lang op een beslissing moet wachten. U moet uw bezwaar indienen bij het college van burgemeester en wethouders (B&W) van uw gemeente. U moet dit schriftelijk en binnen zes weken na ontvangst van het besluit doen. U hoeft hiervoor geen advocaat in te schakelen.

Toetsing van uw plan
Als u een aanvraag indient voor een BBZ-regeling dan wordt uw ondernemingsplan getoetst op levensvatbaarheid. Een toetsing (haalbaarheidsonderzoek) is een behoorlijk strenge test voor uw ondernemingsplan en uzelf. Een goede voorbereiding is noodzakelijk, anders maakt u geen schijn van kans op een BBZ-lening.

IOAZ
De IOAZ is een uitkering voor ex-ondernemers die 55 jaar of ouder, maar nog niet pensioengerechtigd zijn. De IOAZ vult inkomen aan tot bijstandshoogte. Het verschil met bijstand is onder andere dat ondernemers een veel groter vermogen mogen bezitten

 

Bedrijf starten met een uitkering

Starten met een uitkering
Als u een bedrijf wilt starten terwijl u een uitkering heeft, kan dat invloed hebben op uitkering. Meld uw plannen daarom altijd bij uw uitkeringsinstantie UWV. Doe dit vóórdat u als zelfstandige aan de slag gaat. (Maar niet nadat u een andere deskundige van bijvoorbeeld een starteradviesbureau heeft gevraagd wat wel en niet kan.) De regelingen kennen namelijk nogal wat grijze gebieden. Wees dus niet te snel met uw beslissing om uw plannen kenbaar te maken.

Starten met ww-uitkering, doe de test
Voordat u als zelfstandige wilt beginnen, is het verstandig te onderzoeken of ondernemen bij u past. En hoe u dat vanuit een WW-uitkering kunt doen. De online training Zelfstandig ondernemen met een WW-uitkering bereidt u hierop voor. In deze training komen de voorwaarden van UWV aan bod en andere zaken waar u als startende zelfstandige rekening mee moet houden. Zie www.uwv.nl

Na deze training kunt u gebruik maken van de onderzoeksperiode. Uw adviseur moet hiervoor toestemming geven. In de onderzoeksperiode kunt u uw idee verder onderzoeken en voorbereiden. Denk hierbij aan:
haalbaarheid
financiering
locatie
verzekeringen
vergunningen
ondernemingsplan
belastingzaken

Hoelang duurt de onderzoeksperiode?
De onderzoeksperiode duurt maximaal 6 weken. Tijdens deze periode hoeft u niet te solliciteren en u houdt uw uitkering. Besluit u na de onderzoeksperiode dat een eigen bedrijf toch niet iets voor u is, dan verandert er niets.

Als zelfstandige starten vanuit een WW-uitkering
Als u op of na de dag dat uw WW-uitkering ingaat begint kunt in aanmerking komen voor de startperiode. U ontvangt dan 26 weken lang 29% minder WW-uitkering. Tijdens deze startperiode mag u alle uren aan uw eigen bedrijf besteden. U kunt bijvoorbeeld opdrachten binnenhalen en uitvoeren, een bedrijfspand inrichten of een winkel openen. U hoeft niet te solliciteren tijdens de startperiode.
Heeft u minder dan 26 weken recht op WW? Dan duurt de startperiode tot het einde van uw WW-uitkering.
Bent u werkloos geworden op of na 1 juli 2015? Dan betaalt UWV uw uitkering na afloop van iedere maand, als u uw inkomsten van de maand daarvoor heeft doorgegeven. Ook als u geen inkomsten heeft, moet u dit doorgeven.

U hoeft tijdens de startperiode geen uren en geen inkomsten uit werkzaamheden als zelfstandige door te geven. U moet wel alsnog het formulier Inkomstenopgave op Mijn UWV invullen en opsturen. Stuur het formulier zo snel mogelijk na afloop van de maand door, maar in ieder geval voor het einde van de volgende maand. U heeft dus uiterlijk 1 maand de tijd om het formulier in te vullen.

Voorwaarden voor de startperiode
Aan de startperiode zijn voorwaarden verbonden. U krijgt van UWV toestemming voor de startperiode als de kans groot is dat u met uw eigen bedrijf voldoende geld verdient om van te leven. Daarnaast moet u eerst de online training Zelfstandig ondernemen met een WW-uitkering hebben gedaan. In deze training krijgt u alle voorwaarden uitgebreid uitgelegd.

Na de startperiode
U gaat na de startperiode door als zelfstandige. Dan moet u doorgeven hoeveel uur u vanaf dat moment aan uw bedrijf besteedt. Meer informatie hierover vindt u op Doorgaan met eigen bedrijf.

Geen opdrachten voor ex-werkgever tijdens startperiode
Tijdens de startperiode mag u geen opdrachten doen voor de werkgever die u heeft ontslagen. Dit is om te voorkomen dat uw ex-werkgever u ontslaat als werknemer en u vervolgens tegen lagere voorwaarden inhuurt als zelfstandige. Neemt u wel een opdracht van uw ex-werkgever aan, dan krijgt u tot het einde van startperiode geen uitkering meer. Ook krijgt u misschien een boete. Na de startperiode mag u wel voor uw ex-werkgever werken.

Bovenstaande periode wordt de oriëntatieperiode genoemd. De inspanningen die u daarvoor moet doen, staan gelijk aan solliciteren. Solliciteren hoeft dus niet. Wel moet u op elk moment passend werk accepteren dat u krijgt aangeboden.

Komt u er tijdens of na de startperiode achter dat uw onderneming niet levensvatbaar is en stopt u ermee? En bent u weer beschikbaar voor de arbeidsmarkt? Dan kunnen wij uw eerdere WW-uitkering misschien voortzetten. Maar dit kan pas als de startperiode van 26 weken voorbij is.

Arme ZZP’ers

Een groeiende groep Nederlanders met werk verdient te weinig om rond te kunnen komen. Sinds het begin van deze eeuw is het aantal zogeheten werkende armen met 60 procent toegenomen.

Belangrijkste oorzaak is dat lonen relatief weinig zijn gestegen. Daarnaast verslechterde de positie van zelfstandigen, die hun winsten zagen dalen, terwijl er tegelijkertijd juist veel zzp’ers bijkwamen.

Wat kun je doen als zzp’er om meer te gaan verdienen? Hogere uurtarieven en betere offertes nu met korting.

Dat concludeert het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in een omvangrijke studie die vandaag verschijnt. Kwamen in 2001 nog 210.000 Nederlanders niet rond van hun salaris, in 2014 lag dat aantal op 320.000. Daarvan werkten er 175.000 in loondienst en 145.000 als zelfstandige.

Verhoogd risico

Vooral zzp’ers, werkende alleenstaanden en werknemers met een migratie-achtergrond (met name van Turkse en Marokkaanse afkomst) lopen volgens het SCP een verhoogd risico om arm te zijn. Zelfstandigen zijn vooral arm doordat ze per uur te weinig verdienen.

In vergelijking met andere Europese landen is het aandeel werkende armen in Nederland met 5,3 procent relatief laag, al doen Denemarken (3,5 procent) en België (4,3 procent) het beter. In Duitsland (9,4 procent) en het Verenigd Koninkrijk (12,4 procent) ligt het percentage juist fors hoger. Volgens het SCP kent Nederland ‘veel kwetsbaren’, maar hun armoederisico’s zijn soms lager dan in Denemarken.

Het aantal werkende armen neemt al sinds 1990 gestaag toe. Toch is deze groep amper in beeld bij lokale overheden, blijkt uit aanvullend onderzoek dat het SCP verrichtte in twintig gemeenten. Die richten zich vooral op mensen met een uitkering en vinden het moeilijk werkende armen te bereiken, zeker als zij geen kinderen op school hebben zitten of nooit een bezoek aan de huisarts brengen. Met name zelfstandigen zijn daarnaast vaak minder geneigd om hulp te vragen, is de ervaring.

bron AD en SCP